Over gewoon leven en slim besparen
Je bent hier: HomeTuinZaaien op de vensterbank: mijn eerste jaar, met alle fouten

Zaaien op de vensterbank: mijn eerste jaar, met alle fouten

Geplaatst op 22 maart 2025door Cynthia2 min leestijdGeen reacties
Zaaien op de vensterbank: mijn eerste jaar, met alle fouten

Ik ben geen tuinier. Ik ben iemand met een tuin, wat iets heel anders is. Maar het idee dat je uit een zakje van €1,79 een hele zomer eten kunt halen bleef me bezighouden, dus vorig voorjaar zette ik de eerste bakjes op de vensterbank in de keuken.

Wat er kwam

Tomaten (cherry), courgette, basilicum, radijs en een zakje "eetbare bloemen" dat ik op de kop had getikt bij de kringloop. Van die vijf werd basilicum een doorslaand succes — te veel succes, daarover straks — en waren de tomaten uiteindelijk het lekkerst.

Fout één: te vroeg beginnen

Ik ben half februari begonnen omdat ik ongeduldig was. Dat betekent dat je plantjes in maart al twintig centimeter hoog zijn terwijl ze pas half mei naar buiten kunnen. Ze worden dan lang, dun en bleek — "geil" heet dat in tuinboeken — en omvallen is dan een kwestie van tijd.

Het probleem is licht, niet warmte. Een vensterbank in februari geeft veel te weinig licht voor de groei die de warmte veroorzaakt. Nu begin ik half maart en de plantjes zijn korter, dikker en sterker.

Fout twee: te veel zaaien

Op een zakje basilicum staan honderden zaden. Ik heb er een flinke snuf in een bakje gestrooid en er kwamen er zeker vijftig op. Wat doe je met vijftig basilicumplantjes? Ik heb er acht gehouden, twintig weggegeven en de rest weggegooid, wat een naar gevoel is.

Nu zaai ik per soort een klein hoekje en bewaar de rest van het zakje. Zaden gaan meerdere jaren mee als je ze droog en donker bewaart — bij ons in een koekjestrommel in de kelder.

Fout drie: te snel naar buiten

Half mei zette ik alles buiten omdat het een mooie dag was. Twee nachten later was het vier graden en zagen de courgettes eruit alsof ze gekookt waren. Ze zijn er niet aan doodgegaan, maar ze hebben er drie weken over gedaan om weer op gang te komen.

Afharden heet het: een week lang de plantjes 's ochtends naar buiten en 's avonds naar binnen. Het is bewerkelijk en het is het enige dat werkt.

Wat het opleverde

Eerlijk gezegd geen indrukwekkende hoeveelheid. Twee courgetteplanten gaven een stuk of veertien courgettes — dat is best veel als je er twee per week eet en er verder niemand in huis blij van wordt. De cherrytomaten deden het van juli tot oktober en die waren echt beter dan de winkel.

De radijs werd hout. Ik was vergeten dat je die moet oogsten als ze klein zijn.

Ik doe het weer, om een reden die niets met geld te maken heeft: ik loop nu elke ochtend even de tuin in voordat ik iets anders doe. Sinds we de helft van de tegels eruit hebben gehaald is er ook plek om dat leuk te vinden.

Geplaatst in Tuin

Reacties zijn gesloten.